Blog

Samenwerken!

Door Klaas Bellinga

Ik las een artikel van Rob Martens in OnderwijsInnovatie : ‘Docentprofessionalisering is een ijsberg’ (Onderwijsinnovatie, nr. 1, maart 2017, pp. 11-13). Martens is wetenschappelijk directeur bij het Expertisecentrum Beroepsonderwijs (ecbo), hoogleraar aan de Open Universiteit en programmaleider van het Welteninstituut Martens constateert dat het Lerarenregister geen zin heeft als leraren weinig vertrouwen hebben in nut en noodzaak ervan en het ervaren als werkdrukverhogend. Hij stelt dat docenten voor het grootste deel leren door informeel leren op de werkvloer. Het deel van de ijsberg dat onder water zit. Martens suggereert daarbij een hoge kwaliteit van dit informele leren.

Informeel leren
De hoge kwaliteit van informeel leren valt in mijn optiek nog maar te bezien, als er geen informele én formele input van leren is binnen de organisatie waar het informeel leren moet plaatsvinden. Onderzoeksmatig leren en de vaardigheid daartoe is immers onlosmakelijk verbonden met zowel formeel als informeel leren. Je hebt een hoog opleidingsniveau nodig om het kwaliteitsniveau van informeel leren te verhogen. En daarnaast hebben informele leertrajecten veel baat bij good practices, die veelal door formele trajecten worden onderbouwd. Overigens kunnen in het huidige Lerarenregister ook informele trajecten worden vastgelegd door deze te beschrijven, zoals bijvoorbeeld het volgen van praktijkgerichte (e-learning)cursussen of het lezen en behandelen van vakliteratuur.

Werkdruk
Veel leraren ervaren een hoge werkdruk en zijn bezorgd dat die met de komst van het Lerarenregister verder oploopt. Een recent, door Martens aangehaald, proefschrift van Jansen in de Wal, 2016, pp. 175-176, zegt: ‘Overheden dienen zich ervan bewust te zijn dat regelgeving die is bedoeld om professioneel leren te stimuleren (zoals bijvoorbeeld vastgelegd in het Lerarenregister) een grote kans heeft om door docenten te worden ervaren als externe druk. Daarom is het belangrijk dat overheden niet alleen autonomiebeperkende voorwaarden en de daaraan verbonden consequenties vastleggen. Overheden zouden ook formeel de tijd en ruimte moeten bieden die docenten nodig hebben om aan deze voorwaarden te voldoen, zodat autonome motivatie voor professioneel leren kan worden behouden.’ Dat lijkt me logisch én dat gebeurt ook: voor nascholing is immers 2 uur per week beschikbaar gesteld in de cao!

Vertrouwen
Saillant detail is dat ruim 25.000 leraren via Leraren in Actie bekend hebben gemaakt tegenstander te zijn van invoering van het huidige Lerarenregister, maar ruim 60.000 leraren hebben zich er al vrijwillig bij aangemeld. Leraren in Actie vindt het wél de moeite waard om een lerarenregister te onderzoeken dat door de beroepsgroep wordt georganiseerd. Hier ben ik even de weg kwijt. De wet BIO (Beroepen in het Onderwijs) is al in 2006 aangenomen. Hierin staat de verplichting tot nascholing al vermeld. Het huidige Lerarenregister wordt door vrijwel alle vertegenwoordigende organisaties van leraren ondersteund. Je kunt niet zeggen dat de beroepsgroep geen kans is geboden om er invloed op uit te oefenen. En het Lerarenregister roept nog steeds op om mee te denken. Daarbij komt nog dat het Lerarenregister tot 2023 het karakter heeft van een try-out en pas daarna zijn er civielrechtelijke gevolgen.

We zijn het allemaal eens dat er een Lerarenregister moet zijn. De beroepsgroep, de overheid en belangengroeperingen. In plaats van te ageren tegen het huidige Lerarenregister, kunnen we dan beter onze energie stoppen in een goede samenwerking om zo het Lerarenregister voor allen acceptabel te maken.

Read More

Bent u er klaar voor om samen te leren?

We weten het onderhand allemaal: het vakmanschap van de leerkracht bepaalt voor 67% de kwaliteit van het onderwijs (Wat werkt op school, Robert J. Marzano, Bazalt). Het is dan ook logisch dat de nascholingscriteria van het Lerarenregister en de bekwaamheidseisen in de cao zich richten op de vakinhoudelijke, (vak)didactische en pedagogische bekwaamheid van de leerkracht. En dus op het primaire proces ofwel het leren van leerlingen. Maar wat zijn de beste mogelijkheden voor leerkrachten om hun vaardigheden te blijven ontwikkelen? En wat sorteert dan het meeste effect?

Leren van elkaar

Een van de belangrijkste uitkomsten van Visible Learning (Leren Zichtbaar Maken, John Hattie, Bazalt) is dat het heel krachtig is als leraren leren van elkaar en bijvoorbeeld met elkaar praten over de voorbereiding van lessen. Zoals over de leerdoelen en succescriteria. Dan is het goed om te weten dat er al veel e-learningcursussen zijn die de opvattingen rondom lesgeven weergeven in de theorie én de praktijk!

‘Het is heel krachtig als leraren leren van elkaar.’

John Hattie

E-learning

E-learning biedt een fantastische leidraad om van én met elkaar te leren. Zeker als de e-learning is opgebouwd met herkenbare praktijkvideo’s, voorbeelden van good practice, basale en verdiepende theorie en praktische adviezen van deskundigen. Kijk bijvoorbeeld samen naar video’s uit e-learningcursussen, en discussieer met het team over wat jullie belangrijk vinden op school. Door de verkregen inzichten vast te leggen in de e-learningcursus weten ook nieuwe collega’s wat jullie belangrijk vinden.

E-learning kan ook ingezet worden als voorbereiding op een studiemiddag. Zodoende start iedereen de studiemiddag met dezelfde voorkennis en kan er echt gediscussieerd worden over de inhoud van het betreffende onderwerp. Daar kun je bijvoorbeeld good-practicevoorbeelden uit samenstellen die je vervolgens toevoegt aan de e-learningcursus. Zo verrijk je de cursussen met eigen materiaal.

Hoe duidelijk de oefeningen en de informatie uit de cursus ook zijn, er is geen vaststaand recept voor wat werkt in ieders persoonlijke lespraktijk. Dat zal het team zelf moeten onderzoeken! Het is een proces dat je aangaat, bij voorkeur samen met collega’s. De e-learningcursus kan het startpunt zijn van een onderzoeksproces.

Borging

Hierdoor creëer je echte borging. Leren is leuk, maar hoe zorg je ervoor dat het ook leidt tot structurele verbetering van je onderwijs? Door aan de slag te gaan met onderzoeksvragen en de resultaten vast te leggen en te integreren in de dagelijkse lespraktijk!

Read More

Wetgeving Lerarenregister op komst: E-learning als voordelig alternatief voor scholing leerkrachten

Dit artikel is onlangs gepubliceerd in PO management (blad voor schoolontwikkeling en professionalisering in het basisonderwijs).

Wetgeving Lerarenregister op komst – E-learning als voordelig alternatief voor scholing leerkrachten

Het Lerarenregister slaagt er nog niet in om de afgesproken doelstellingen te halen. Nog geen 10% van de leraren heeft zich vrijwillig laten registeren. De komende maanden wordt gewerkt aan een plan om die doelstellingen wél te halen (registratie door 40% van de leraren in 2015). Staatssecretaris Dekker komt in de zomer van 2015 met wetgeving om het register en de bijscholing van leraren in 2017 te verplichten, gebaseerd op het BIG-model in de zorg. Om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren komt er extra geld voor de professionalisering van leraren. Hoe dan ook: de komende jaren moet u aan de slag met het continu scholen van uw team. Welke mogelijkheden zijn er qua organisatie en budget?

Tekst: Klaas Bellinga

Persoonlijk budget leraren
Eind augustus werd bekend dat de overheid extra investeert in de kwaliteit van het onderwijs. Staatssecretaris Dekker: “Als ik kritisch naar het onderwijs kijk, zie ik twee punten waar nog winst te behalen is: de professionalisering van de leraar en aandacht voor toptalenten en excellentie. Ik ben dan ook heel blij dat we op deze gebieden hele concrete afspraken hebben kunnen maken met de sectoren. Het is nu aan leraren en schoolleiders om te laten zien dat er resultaten worden geboekt.”
Op scholen gebeurt al veel om het onderwijs te verbeteren maar de beweging om over de volle breedte de stap te zetten van goed naar excellent onderwijs komt volgens het ministerie nog niet voldoende op gang. Onderwijs is zo goed als de man of vrouw voor de klas. Investeren in de ontwikkeling van docenten is dus een investering in de toekomst. Het ministerie van OCW wil dat in 2020 30% van de leraren in het po een wo-bachelor of een hbo- of wo-master heeft afgerond. Dat is nu 18,6%.*
In de zogeheten sectorakkoorden en de cao is afgesproken dat er meer tijd, geld en ruimte komt voor leraren om zich te ontwikkelen, naast de schoolverplichting om 83 uur professionaliseringsruimte per FTE aan leraren te bieden. Leraren krijgen ook meer mogelijkheden om te leren van elkaar (peer review) en een persoonlijk budget. Voor leraren in het po is dit € 500 per fte per jaar en twee klokuren per week. Alle beginnende leraren krijgen goede begeleiding door een coach en extra tijd om zich in het vak te bekwamen.
*Bron: www.rijksoverheid.nl

Ontwikkeling vaardigheden cruciaal
Het is een goed streven dat 30% van de leerkrachten universitair geschoold zou moeten zijn. Veel verder zullen we op korte termijn vermoedelijk niet komen, dus 70% van het lerarenkorps haalt dit opleidingsniveau niet. En dat terwijl 60% van de leerkrachten volgens onderzoek van de inspectie een onvoldoende scoort op één of meer basis- of meer complexere vaardigheden.
De staatssecretaris zou er daarom goed aan doen om niet te veel te focussen op formele opleidingen. Het gaat er uiteindelijk om dat de kwaliteit van het onderwijs verbetert en dat de leerkracht daar een cruciale factor in is. Die kwaliteitsverbetering bereik je niet alleen met een wo-bachelor of een hbo- of wo-master. Een leerkracht moet goed les kunnen geven en daarbij minimaal kunnen voldoen aan de gestelde basiscompetenties. Deze competenties moeten verder ontwikkeld worden. En dat kan prima in korte beroeps- en praktijkgerichte cursussen.

Aanbod nascholing
Kijken we naar de verschillende vormen waarin nascholing wordt aangeboden in het primair onderwijs dan zien we dat er een groot aanbod is van korte, beroepsgerichte cursussen. Vaak vakinhoudelijk of bijvoorbeeld gericht op het invoeren van ICT-ondersteuning of passend onderwijs. Voor de ontwikkeling van de vaardigheden van de leraar zelf is minder aanbod. Wat opvalt, is dat de scholing nog bijna altijd in klassikaal of persoonlijk verband wordt gegeven. Het nascholingsaanbod kent dus drie vormen:
Opleiden met afstand leren

E-learning in opkomst
Leren op de werkplek en werkplekondersteunende cursussen in de vorm van e-learning worden in het bedrijfsleven al veelvuldig toegepast. Het blijkt uiterst effectief, efficiënt en kostenbesparend te zijn. En prettig voor de cursist, die tijd- en plaatsonafhankelijk kan leren. Om invulling te geven aan de verplichte nascholing zal om budgettaire redenen steeds vaker uitgeweken worden naar e-learning en zal naar verwachting het ‘virtuele’ nascholingsaanbod de komende jaren sterk toenemen.
Kosten & budget
Een korte praktijkgerichte cursus is natuurlijk niet vergelijkbaar met een wo-bachelor of een hbo- of wo-master. Maar deze formele opleidingen worden ook op een andere wijze gefinancierd (middels de lerarenbeurs). Maar kijken we naar kort beroepsonderwijs, dan is er wel een kostenvergelijking te maken. Afhankelijk van het leerdoel kan een individueel begeleidingstraject, een klassikale bijeenkomst of een e-learningcursus tot vergelijkbare resultaten leiden.
We nemen als uitgangspunt bijvoorbeeld het leerdoel ‘het geven van duidelijke uitleg van de leerstof’, een van de indicatoren van de onderwijsinspectie. Een dergelijke cursus kan zowel individueel, klassikaal als via e-learning worden gegeven.

Rekenvoorbeeld
U wilt bijvoorbeeld vier leerkrachten uit uw team ontwikkelen op dit gebied. We nemen het volgende als uitgangspunt:
• De duur van de cursus is 4 uur.
• De cursisten zijn woonachtig in Zwolle.
• Het gemiddelde uurloon van de deelnemers is € 20,- per uur.
• De kosten van een onderwijsadviseur/docent zijn € 500,- per dagdeel.
• De kosten van e-learning zijn € 60,- per deelnemer.
• De reiskosten van de onderwijsadviseur/docent zijn € 50,-.
• De helft van de deelnemende leerkrachten wordt vervangen.
Het kostenplaatje ziet er dan als volgt uit:

Kostenvergelijking opleiden

Indien het doel van de cursus dus in te vullen is met een e-learningcursus, dan is dit tot een factor 3,5 goedkoper.

Veelzijdigheid e-learning
Vaak wordt gezegd dat e-learning beperkt is tot kennisoverdracht. Maar dat is een sterk achterhaalde gedachte. Om dit te illustreren verwijs ik graag naar het door Gabi Reinmann-Rothmeier ontwikkelde model voor een driedeling in e-learning, waarbij zij onderscheid maakt tussen instructie en constructie. E-learning is niet alleen geschikt voor kennisoverdracht, maar ook voor het leren van feedback en het leren vanuit diverse perspectieven.
Reinmann-Rothmeier gaat ervan uit dat alle leerprocessen (in de toekomst) op de een of andere wijze worden ondersteund door ICT. De technologie hierbij kenmerkt zich door drie principes (zie figuur 1):
• Multimedialiteit: Verschillende media kunnen geïntegreerd worden ingezet.
• Interactiviteit: Nieuwe media maken interactie met de cursist mogelijk (alsook het geven van feedback).
• Netwerkstructuur: Communicatiemogelijkheden zijn steeds uitgebreider, waardoor zowel asynchrone (op verschillende tijdstippen) als synchrone communicatie (op gelijke tijdstippen) plaats kan vinden, die evenwel niet plaatsgebonden is.

Op basis van deze drie kenmerken onderscheidt Reinmann-Rothmeier drie soorten e-learning (Bron: Basisboek E-learning maken, K. Bellinga, 2014, Uitgeverij Leuker.nu):
1. E-learning by distributing: Leerinhouden zijn gedigitaliseerd en worden verspreid met behulp van de nieuwe media. De cursist verwerkt de beschikbare informatie zelfstandig, waarbij de hulp of steun van anderen in principe niet nodig is. Dit wordt ‘learning from information’ genoemd.
2. E-learning by interacting: Alle leerinhouden zijn specifiek zo ontwikkeld en didactisch uitgewerkt dat de cursist in interactie kan gaan met de leerstof. Dat kan een zelfgestuurd leerproces zijn, maar het is ook mogelijk dat hierbij steun en hulp wordt geboden door een begeleider. Dit wordt ‘learning from feedback’ genoemd.
3. E-learning by collaborating: Door samenwerkend leren wordt kennis geconstrueerd op basis van uitwisseling en discussie. Dit soort leerprocessen moet altijd begeleid worden. Dit wordt ‘learning from different perspectives’ genoemd.

E-learning

Zeker op het niveau van ‘e-learning by interacting’ zijn al diverse zelfstudie-e-learningcursussen beschikbaar voor leerkrachten in Nederland, zoals bij de Heutink Academie en de E-learning Wizard (Cadenza Highschool). Daarnaast wordt ‘e-learning by collaborating’ al veelvuldig toegepast bij bijvoorbeeld de Open Universiteit.

Wanneer is e-learning geschikt?
E-learning wordt ingezet naast persoonlijke training, training in groepsverband en blended learning. Om te bepalen of e-learning geschikt is kijken we naar het leerdoel. Ik illustreer dit aan de hand van figuur 2 (Bron: Basisboek E-learning maken, K. Bellinga, 2014, Uitgeverij Leuker.nu).

E-learning

Om professionalisering effectief, efficiënt en op maat aan te bieden, is een activerende aanpak nodig. Dit is de grondslag van het zogenoemde constructivisme (Bruner en Piaget); de cursist bouwt eigen kennis op. Dit impliceert een veranderende rol van de docent. Namelijk, het aantal uren in face-to-facetraining en lesgeven zal gereduceerd worden en de docent kan meer tijd besteden aan andere activiteiten zoals coaching en begeleiding.

Naarmate de behoefte en het doel van het leerproces meer verschuift van kennis en kunde naar vaardigheden en attitude, zal blended learning en personal (groeps)training een grotere rol spelen, vanwege het persoonlijk contact. Voor attitudeveranderingen blijft persoonlijke begeleiding noodzakelijk.

MAAR: Dit betekent dus niet dat e-learning geen rol kan spelen bij het ontwikkelen van vaardigheden of attitude. Denk aan casuïstiek, samenwerkend leren binnen cursussen, het delen van informatie met collega’s, het zelf maken van e-learningcursussen voor collega’s, scenariobased e-learning of best-practice video’s!

E-learning als alternatief
In dit artikel pleit ik voor het inzetten van een alternatieve opleidingsvorm naast de bestaande: e-learning. Dat wil uiteraard niet zeggen dat e-learning alles kan vervangen, integendeel. Maar waar ik wel voor pleit, is het openstaan voor deze vorm van professionalisering. Zeker door het te combineren met andere opleidingsvormen, waarin verdieping of algemene ontwikkeling van de leerkracht centraal kan staan. Met een beperkt budget valt dan veel professionaliseringswinst te behalen.

Door slim gebruik te maken van e-learning, kan er ook een interne leercultuur ontstaan. Zo ontving ik laatst een bericht van een groep leerkrachten in Lelystad die de gebruikte feedbackvideo’s van een onderwijsadviseur van een klassikale visitatie bijzonder konden waarderen. Het had het collegiaal overleg op gang gebracht!

Klaas Bellinga
Klaas Bellinga is auteur van het recent verschenen Basisboek E-learning maken (2014, uitgeverij Leuker.nu). Hij werkt als zelfstandig adviseur voor diverse e-learningplatforms, mkb-ondernemingen en onderwijsinstellingen. Voor meer informatie, kijk op www.e-learningmaken.nl.
Opmaak 1

Uitgever: Leuker.nu
Omvang: 198 pagina’s
ISBN: 978-94-6254-459-8
Prijs: € 39,95
Verkrijgbaar via www.leuker.nu.

Rekenvoorbeeld Cadenza Highschool
Het rekenvoorbeeld is gebaseerd op de cursus ‘De leerkracht geeft duidelijke uitleg’ van de Cadenza Highschool. Naast de mogelijkheid om losse cursussen te kopen, bieden zij ook de mogelijkheid om een eigen schoolacademie in te richten, wat tot een nog grotere kostenbesparing leidt. Kijk voor meer informatie op www.cadenza-hs.nl.

Read More

Masterclass E-learning & Onderwijskwaliteit – AVS Utrecht -3 februari 2015

Verbeter de kwaliteit van het onderwijs met e-learning : Masterclass voor bestuurders, schoolleiders & stafmedewerkers

Wist u dat bijna 60% van de leraren een onvoldoende scoort op één of meer belangrijke pedagogische en didactische competenties? En dat terwijl iedereen het er over eens is dat goede leraren cruciaal zijn voor goed onderwijs! Leer in deze Masterclass van AVS i.s.m. E-learning Wizard, hoe u betrouwbaar en snel zicht krijgt op de kwaliteiten van uw team. En hoe u door inzet van e-learning de kwaliteit van uw onderwijs kunt verbeteren. En dat allemaal voor aanzienlijk minder kosten dan uw huidige scholingsbudget!

60% van de leraren scoort onvoldoende voor belangrijke vaardigheden

Uit onderzoek van de Inspectie van het Onderwijs komt het volgende naar voren:

  • De kwaliteit van de leraar bepaalt in belangrijke mate de kwaliteit van het onderwijs;
  • Bijna 60% van de leraren behaalt geen voldoende voor alle basale en/of complexere vaardigheden;
  • Leraren denken te positief over zichzelf, op veel indicatoren scoort 40% een onvoldoende bij de inspectie;
  • 80% van het scholingsbudget gaat naar teamscholing;
  • Bijna een kwart van de scholen gebruikt het scholingsbudget niet volledig;

De conclusie ligt voor de hand: als bijna 60% van de leraren een onvoldoende scoort voor één of meer basale of complexere vaardigheden dan heeft een verbetering van die vaardigheden direct invloed op de kwaliteit van het onderwijs. Heeft u de vaardigheden van uw team helder in beeld?

Ruim driekwart van de scholen verzamelt systematisch informatie over het pedagogisch-didactisch handelen van leraren. Maar nog niet altijd wordt direct de link gelegd naar het scholingsbeleid. Hoe kan e-learning worden ingezet t.b.v. verbetering van de kwaliteit van het onderwijs?

Meld u hier aan! Beperkt aantal plaatsen! U ontvangt gratis het boek ‘Slim! 50 managementtechnieken om uw school te leiden’ van Theo Wildeboer en het ‘Basisboek E-learning maken’ van Klaas Bellinga.

Programma

9.30    –  10.00 uur:        Inloop met koffie en thee

10.00  –  10.15 uur:        Welkom door AVS

10.15  –  11.00 uur:         Zicht op de vaardigheden van uw team door Theo Wildeboer

11.00  –  11.30 uur:         Scholing: regelgeving, budgetten en de feiten door Klaas Bellinga

11.30  –  11.45 uur:         Koffiepauze

11.45  –  12.30 uur:         Professionalisering van medewerkers: In 3 stappen naar een effectief scholingsplan door Theo Wildeboer

12.30  –  13.30 uur:        Netwerklunch

13.30  –  14.00 uur:        Gericht opleiden met e-learning door Theo Wildeboer

14.00  –  15.00 uur:        Aan de slag met e-learning in uw eigen huisacademie door Klaas Bellinga

15.00  –  16.00 uur:        Afsluiting en gelegenheid tot napraten en discussie met een hapje en een drankje

16.00 uur                         Einde

 

Masterclass Scholing & Onderwijskwaliteit

Voor wie?             Bestuurders, schoolleiders en stafmedewerkers

Wanneer?            3 februari 2015 en 16 april 2015

Waar?                    AVS, Herenstraat 35, 3512 KB Utrecht

Kosten?                 € 449 per persoon. Leden AVS € 349 per persoon

Literatuur?         U ontvangt gratis het boek Slim! 50 managementtechnieken om uw school te leiden van Theo Wildeboer en het Basisboek E-learning maken van Klaas Bellinga.

Aanmelden?        Vul het aanmeldformulier in

Het aantal deelnemers voor deze Masterclass is beperkt: er is plek voor maximaal 25 personen.

 

Uw leeropbrengst

Na deze Masterclass E-learning & Onderwijskwaliteit:

  • Weet u hoe u op een betrouwbare manier zicht krijgt op de vaardigheden van leraren;
  • Heeft u inzicht in hoe u e-learning kunt inzetten voor individuele scholing, passend binnen uw scholingsbudget;
  • Weet u welke stappen u kunt zetten om te komen tot een eigen huisacademie.

 

Uw trainers

De Masterclass wordt verzorgd door Theo Wildeboer en Klaas Bellinga.

Theo Wildeboer studeerde onderwijskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen met als specialisatie bedrijfsopleidingen. Bij het Seminarium voor Orthopedagogiek ontwikkelde hij onder andere het BAS-project. Hij werkt voor diverse opdrachtgevers als onderwijsadviseur, trainer en motivational speaker rond thema’s als leiderschap, kwaliteitszorg en schoolorganisatieontwikkeling. Voor E-learning Wizard ontwikkelt hij e-learningcursussen  voor leerkrachten en directeuren.

Theo schreef in 2013 het boek Slim! 50 managementtechnieken om uw school te leiden dat u gratis ontvangt na afloop van de Masterclass.

Klaas Bellinga heeft zich de afgelopen jaren gespecialiseerd in e-learning. Hij stond aan de wieg van Teachers Channel waar hij samen met gerenommeerde partners werkte aan de ontwikkeling van dit platform voor e-learning en kennis delen. Hij studeerde af als E-learningspecialist bij Fontys Hogescholen. Op dit moment richt hij zich met zijn bedrijf E-learning maken en als directeur van E-learning Wizard op het ondersteunen van organisaties bij vraagstukken op het gebied van e-learning.

Klaas schreef in 2014 het Basisboek E-learning maken, dat u gratis ontvangt na afloop van de Masterclass. Voor meer informatie: www.e-learningmaken.nl, www.e-learningwizard.nl.

 

Vragen?

Heeft u nog vragen over deze Masterclass van de AVS? Neemt u dan contact op met de AVS. Mail naar info@avs.nl of bel 030-2361010.

Read More

13 vuistregels voor e-learning

Het aanbod van zelfstudie e-learning cursussen groeit enorm. In de zorg en bij grote multinationals is het al zeer gebruikelijk dat professionals zich bijscholen met deze vorm van e-learning.
Om zelfstudie e-learning cursussen tot een succes te maken, moet u evenwel aan verschillende voorwaarden voldoen. De juiste e-learning toepassingen zijn kosten- en tijdbesparend en creëren meerwaarde en slagkracht voor uw organisatie. Maar er zijn ook hindernissen en valkuilen. Zo zal de nieuwe manier van leren in veel organisaties tot een cultuuromslag leiden. Goede interne communicatie is dan ook van groot belang.
Om u een indruk te geven waaraan een goede zelfstudie e-learning cursus aan moet voldoen, heb ik onderstaand een overzicht gemaakt van de belangrijkste uitgangspunten.

Goede zelfstudie e-learning cursussen…
1. … starten met een beschrijving van wat een cursist zal leren. Formuleer daarvoor de leerdoelen en geef een overzicht van de te verwerven en te integreren (nieuwe) kennis, vaardigheden of attitude.
2. … maken helder onderscheid in hoofd- en bijzaken. Hou het eenvoudig en beperk u tot de kern. De bijzaken worden bij e-learning absoluut buiten beschouwing gelaten.
3. … zorgen voor een beter leerrendement als de inhoud betekenisvol, didactisch memorabel, en motiverend is. Zonder deze drie elementen bereikt u uw doel niet.
4. … volgen een helder didactisch model en er zit altijd een didactische visie/concept achter.
5. … zijn concreet in het aanbieden van informatie. Bedenk dat het om e-learning gaat en dat de aangeboden stof duidelijk moet zijn, zonder interpretatieverschillen. Laat zien wat u wilt overbrengen, uitleggen of bereiken en maak het tastbaar.
6. … leggen verbanden tussen onderwerpen en maak logische keuzes in de onderwerpen die worden behandelt. Bij een persoonlijke presentatie of les, legt u vaak onbewust eenvoudig de link tussen het ene en het andere onderwerp. Omdat u bij zelfstandige e-learning cursussen geen contact heeft met de deelnemer, kunt u niet direct feedback verwerken en hierop anticiperen. Aangezien u de lesstof goed beheerst is het daarom belangrijk om niet de aansluiting met de cursist te verliezen.
7. … maken geen grote stappen en houdt de informatieoverdracht en redenaties klein en overzichtelijk. De leerervaring van de cursist wordt hierdoor aanzienlijk positiever.
8. … gebruiken een variatie aan werkvormen (zie leerstijlen Vermunt en Gardner) die verschillend aangestuurd worden, waarbij de mate van intelligenties verschillend ontwikkeld zijn. Zo spreekt u meerdere leerstijlen aan.
9. … zijn aantrekkelijk voor uw cursist. Zorg voor het prikkelen van het zintuiglijke geheugen door niet alleen statische beelden of alleen tekst te gebruiken. Gebruik afbeeldingen, foto’s, grafieken, geluid, animaties, video, interactieve elementen, spelvormen en oefenstof. Van veel onderwerpen zijn goed bruikbare video’s op internet beschikbaar. En u kunt natuurlijk ook zelf aan de slag gaan met foto, film en audio!
10. … staan in een goed toegankelijke en eenvoudig te navigeren en veilige (secured) omgeving. Heldere navigatie met essentiële te leren stof op hoofdlijnen en eventueel een gestructureerd aanbod van subparagrafen draagt bij aan de opname van de leerstof.
11. … zijn mooi vormgegeven. Dit draagt bij aan de opname van de leerstof en de geloofwaardigheid van het cursusmateriaal.
12. … gebruiken bekende concepten of metaforen. Ga niet ineens andere, uitzinnige voorbeelden bedenken om zaken duidelijk te maken.
13. … geven tijdens de cursus goede feedback op de oefeningen of toetsen, zodat de cursist een goede leerervaring heeft.

Natuurlijk zijn er meer tips te geven. Vooral bij zelfstudie cursussen is het erg belangrijk om op de details te letten.

Hartelijke groeten,
Klaas Bellinga
e-learningspecialist

Heeft u nog vragen of opmerkingen? Reageer dan op deze blog of e-mail mij op klaas@e-learningwizard.nl.
Wilt u e-learning tot een succes maken in uw organisatie? Maak dan eens een afspraak met E-learning Wizard. Kijk op www.e-learningwizard.nl.

Read More

Explosieve groei verwacht voor e-learning

Roland Berger Strategy Consultants is een van ‘s werelds leidende strategische consultancy bureaus. In een in mei 2014 gepubliceerd rapport ‘Corporate learning goes digital’ wordt beschreven hoe bedrijven en instellingen kunnen profiteren van online educatie, e-learning dus. Ik geef u een overzicht van de belangrijkste bevindingen, feiten en conclusies:

Read More